X-men

Wat maakt de X-men-films van Marvel zo goed?

· Door

Google+ Facebook Twitter WhatsApp

De hegemonie van Marvel Studios’ superheldenfilms begon met hun boeiendste reeks: de X-men-films. Met Shakespeare-acteurs!

De superhelden uit de stripblaadjes van de Amerikaanse pulp-comic uitgeverij Marvel zijn niet alleen op papier oppermachtig. Ze zijn ook heer en meester(es) in de bioscoop. In de theaters van de grote ketens Pathé, Vue en Kinepolis heersen de helden van Marvel zonder tegenstand – op Wonder Woman van concurrent DC Comics na misschien.

De verovering van het jongere bioscooppubliek door Marvel Studios begon in ernst in 2000 met de verrassend aardige film X-men, met in de hoofdrollen twee Shakespeare-acteurs en in een prima bijrol de Nederlandse Famke Janssen.

Voor de meeste mensen onder de dertig is het Marvel-universum (doe mee aan onze quiz over de filmwereld van Marvel) een onbekende of op zijn minst onoverzichtelijke warboel, maar filmtitels als Black Panther, Spider-Man, Deadpool, The Avengers, Guardians of the Galaxy, The Hulk, Doctor Strange, Iron Man en doen wellicht toch wat belletjes rinkelen. Op Netflix kom je de televisieseries van Marvel tegen: Jessica Jones, Daredevil en Luke Cage. Allemaal gebaseerd op de stripverhalen die Marvel sinds 1939 publiceerde. Er zit veel rommel tussen maar er zijn ook inventieve en interessante uitzonderingen, zoals Black Panther (nu in de bioscoop), Doctor Strange (nu op Netflix), Jessica Jones (idem) en vorig jaar de recentste en tiende (!) film in de X-men-reeks, het inktzwarte en door veel critici bejubelde Logan.

Waar gaat X-men over? Over menselijke mutanten. Ze zijn de nakomelingen van de mannen en vrouwen die betrokken waren bij het Amerikaanse atoombom-programma eind jaren 40, wier dna door blootstelling aan radioactiviteit danig op hol is geslagen. Hun kinderen hebben daardoor rare telepathische en telekinetische gaven. Zoals het zwarte meisje Storm dat haar wil kan opleggen aan het weer, of de vermetele Cyclops uit wiens ogen dodelijke stralen schieten. De mutanten worden wegens hun enge gaven door veel normale mensen gehaat, verstoten en vervolgd; in het begin van de film X-men zien we hoe in de VS een wet wordt voorbereid die mutanten verplicht om hun specifieke gave te laten registreren door de overheid.

De geplaagde mutanten hebben zich verenigd in twee kampen, met twee leiders die precies het tegenovergestelde proberen te bereiken. Het ‘goede’ kamp bestaat uit de leerlingen van de school van professor Charles Xavier, beter bekend als Professor X. Hij leert jonge mutanten op zijn school verantwoord om te gaan met hun speciale gaven en streeft een vredige samenleving van de gewone homo sapiens en de nieuwe, gemuteerde ‘homo superior’ na. Vergelijk hem maar met Martin Luther King, qua idealen. Xavier heeft zeer krachtige telepathische gaven maar is wel gekluisterd aan een rolstoel. Zijn tegenstrever en voormalige boezemvriend Magneto, die extreme magnetische velden kan oproepen, is een overlevende van de Holocaust en meent dat een preventieve aanval op het mensdom de enige manier is om aan dodelijke vervolging te ontkomen. Vergelijk hem eerder met Malcolm X, qua militantisme.

Hij bereidt een wapen voor dat de genen van alle mensen op aarde zal muteren, waardoor niet zijn eigen soort maar de andere wordt gedwongen tot assimilatie. Magneto heeft net als Professor X een legertje sympathiserende mutanten achter zich, onder wie de al genoemde Mystique en de heerlijke Toad, een mutant die met zijn meterslange tong uiterst gymnastische toeren kan uithalen. Dit assortiment weirdo’s wordt aangevuld met Logan, alias Wolverine, een eenzaat die een beetje op een wolf lijkt en middels een perfide Canadees bio-experiment is voorzien van vlijmscherpe uitschuifbare stalen klauwen. Hij wordt gespeeld door de klassiek geschoolde Australische toneelacteur Hugh Jackman.

Logan is verliefd op Jean Grey, een rol van Famke Janssen, die met haar geest voorwerpen kan verplaatsen en officieel een relatie heeft met Cyclops maar Logan ook leuk vindt. Voor de echt jonge kijkers is er Rogue, een mutantenmeisje dat ongewild alle levensenergie en herinneringen opslurpt van iedereen die ze aanraakt en de spil is in het complot dat Magneto smeedt tegen de mensheid. Professor Xavier wordt gespeeld door Patrick Stewart en Magneto door Ian McKellen. Beide acteurs zijn gelauwerde leden van The Royal Shakespeare Company en hebben, net als Hugh Jackman, lol in dit overstapje van het toneel naar het superhelden-genre. Onder hun bezielende leiding ontbrandt een strijd op leven en dood tussen beide kampen mutanten, die in X-men onbeslist eindigt tijdens een matpartij op het Vrijheidsbeeld en zich in alle vervolgfilms op ontelbare en steeds buitenissigere manieren voortzet.

De wereld van X-men is, kortom, héél vreemd. Dat was ook precies de opzet van de in hun genre legendarische striptekenaars en -schrijvers Stan Lee en Jack Kirby, die de striphelden van X-men in 1963 verzonnen. X-men is expliciet bedoeld voor hen die zich vreemden voelen, de buitenbeentjes. De X-men-comics richtten zich op een publiek van nerdy pubers die zich net zo buitengesloten voelden als de mutanten-kinderen in de strip en zelf graag over de gaven van hun helden zouden beschikken om hun leven wat meer te kunnen sturen. Stan Lee en Jack Kirby waren bovendien joods en Kirby zag als soldaat de concentratiekampen in Europa; de Holocaust wordt er niet bij de haren bijgesleept maar is een terugkerend onderwerp en motief in zowel de strips als de films en is de reden dat Magneto, die we als jongen in het begin van X-men bij een concentratiekamp in Polen zijn gaven zien inzetten tegen de nazi’s, een complexe schurk die legitieme redenen heeft voor zijn boosaardigheid. Hij weet wat vervolging inhoudt.

Die nadruk op anders-zijn en vervolging maakt van X-men de meest gelaagde uiting van Marvel Studios in de bioscoop. Wie het leuk vindt, doet er goed aan de films in de juiste volgorde te zien. Ze worden, uitzonderingen daargelaten, in de loop van de reeks bovendien steeds beter, boeiender en somberder. Het leven van deze superhelden gaat, net als dat van de lezers en kijkers, niet over rozen en wellicht is dat de reden dat de jeugd zo massaal voor de gemankeerde helden van Marvel valt. 

X-MEN ORIGINS: WOLVERINE,maandag, 16 april Veronica, 20:30 uur

X-MEN, maandag 16 april, Veronica, 22:35 uur

Lees ook

What’s Next (Deel 4): dodelijke regenbuien in Denemarken

What’s Next (Deel 3): vurige speeches en bedeesde acteurs

What’s Next (Deel 2): genre-tv en coming of age-drama’s

De 10 beste rollen van Tom Hanks

Imagine Film Festival: Mayhem