Jane Campion

Jane Campion over haar serie Top of the Lake

· Door

Google+ Facebook Twitter WhatsApp

In gesprek met regisseur Jane Campion (The Piano), over de tweede reeks van de succesvolle thrillerserie Top of the Lake.

U lijkt heel radicaal met film gebroken te hebben; uw laatste speelfilm maakte u acht jaar geleden.
Televisie heeft de toekomst: film is conservatief, gedateerd. Hollywood durft geen geld meer te steken in spannende, maar risicovolle projecten. Televisieseries daarentegen komen veel sneller van de grond. Je hebt als schrijver veel meer tijd om je personages te verkennen en het verhaal uit te diepen. En je kan veel verder gaan dan in de bioscopen. Rauwe randjes worden op televisie juist toegejuicht. Voor Top of the Lake kreeg in carte blanche. Er mochten alleen niet te veel scheldwoorden in zitten; verder moest ik vooral mijn eigen verhaal vertellen.

Toen bedacht u Top of the Lake, over een vrouwelijke detective die moorden oplost. Klopt het dat Stieg Larsson uw inspiratiebron was?
Het leek me geweldig zelf iets soortgelijks te bedenken als de Millennium-reeks, ja. In eerste instantie probeerde ik Engelstalige remake-rechten van die boeken te verwerven, maar die lagen toen al bij producent Sony en regisseur David Fincher. Dus kroop ik zelf achter de computer.

De serie onderscheidt zich vooral door de vrouwelijke hoofdpersoon. Wat is voor een schrijver het voordeel van een vrouw?
Een vrouw die een gruwelijke zaak onderzoekt is al bij voorbaat vele malen interessanter dan een man. Ik wilde ook vooral meer focussen op de psychologie van alle personages dan op het misdrijf zelf. De zoektocht naar de dader is altijd veel interessanter dan het vinden. Ik denk ook veel meer in sfeer en in beelden dan in concrete ontknopingen. Ik was daar vrij naïef in; bij crimeverhalen moet je dat eindpunt toch veel concreter in de gaten houden dan bij andere genres.

 

Lees ook