Zomerkijktip ☀️ Pirates of the Caribbean: Salazar’s Revenge

· Door

Google+ Facebook Twitter WhatsApp

Jack Sparrow en kornuiten zijn terug en we zijn ze nog steeds niet moe. Deel vijf in de Pirates-reeks is stukken beter dan deel vier, ondanks een hoog kinderfilm-gehalte.

Het inmiddels jaren geleden dat Will Turner (Orlando Bloom) zijn geliefde Elizabeth Swann (Keira Knightley) moest achterlaten op het vasteland, gedoemd om voor eeuwig de doden naar het hiernamaals te vervoeren met zijn schip The Flying Dutchman. Dit tot frustratie van zijn zoon Henry (Brenton Thwaites), die naarstig oude zeelegendes doorspit op zoek naar een oplossing. Hij denkt dat de mythische drietand van Poseidon het antwoord zal brengen, maar om die te vinden heeft hij de hulp nodig van Jack Sparrow (Johnny Depp) en de kennis van Carina Smyth (Kaya Scodelario), een jonge vrouw die als heks wordt vervolgd wegens haar interesse in astronomie. Maar Sparrow kan niet zomaar de zee op. Alleen op het vasteland is hij veilig voor de ondode kapitein Salazar (Javier Bardem), die met zijn spookbemanning de zeeën afstruint op zoek naar wraak.

Kapitein Salazar (Javier Bardem)

Pirates of the Caribbean: Salazar’s Revenge is geregisseerd door het Noorse duo Joachim Rønning en Espen Sandberg, dat een Oscarnominatie ontving voor hun film Kon-Tiki (2012). Het scenario is van beproefde schrijver Jeff Nathanson, bekend van Catch Me If You Can (2002) en zijn werk aan die ene Indiana Jones film die we allemaal het liefst zouden vergeten. De vijfde Pirates is een geheel nieuw verhaal met oude bekenden, en met dat laatste hebben de heren duidelijk de meeste lol gehad. Depp en Geoffrey Rush schitteren als vanouds in hun rollen als Sparrow en Barbossa en gaan nu volslagen 'over the top'. Barbossa leeft als Louis XIV in zijn kitscherig gouden vlaggenschip en Sparrow schiet wakker uit zijn dronkemansslaap met de kreet ‘Spaghettiwolf!’ Het is overtrokken en cartoonesque en voelt daarom meer dan ooit aan als een kinderfilm, maar gelukkig houdt de film er genoeg actie en vaart in om de spanning vast te houden.

Carina Smyth (Kaya Scodelario) en Jack Sparrow (Johnny Depp)

Minder succesvol zijn de nieuwe personages, die aan alle kanten aanvoelen als surrogaatversies van de vorige crew. Thwaites doet het prima als de jonge Turner, maar is weinig meer dan een radartje in een veel groter mechaniek. Interessanter is Scodelario, die haar versimpelde personage zoveel mogelijk elan meegeeft (geen enkele Piratesfilm zal ooit een Bechdeltest halen). Gezamenlijk ontbreekt het het stel echter geheel aan chemie – vergeleken met het vuurwerk tussen Bloom en Knightley is de nieuwe garde weinig meer dan een kaarsje. Ook de mystieke heks Shansa (Golshifteh Farahani) is op haar lichaamsversiering na niet bijster boeiend; ze is zeker geen Tia Dalma. Bardem weet daarentegen elke scène te stelen als Salazar, 'el matador del mar', wiens haar altijd wappert alsof hij onderwater is.

https://www.youtube.com/watch?v=G4cEPZowz-8&t=25s

De gestoorde bankroofscène uit de opening maakt duidelijk dat Jack Sparrows avonturen nu echt kolderiek geworden zijn. Soms zakt het niveau bijna te ver, maar het wordt telkens op tijd weer opgepakt. Het belangrijkste is dat de film een hart heeft, en dat zit wel goed. Blijf vooral zitten na het einde, want Disney doet een Marveltje na de aftiteling.

Pirates of the Caribbean: Salazar’s Revenge, vanaf 24 augustus op Netflix

Lees ook