Hollywood

Hollywood S01E01-02: de dromenmachine in de jaren vijftig

· Door

Facebook Twitter WhatsApp

Ryan Murphy neemt de kijker mee naar Hollywoods gouden dagen, in clichématig maar zwoel zevenluik.

Showrunner extraordinaire Ryan Murphy (American Horror Story, American Crime Story en nog een keur aan andere titels) werkt hard en snel. Hij produceerde de twee recent verschenen Netflix-documentaires Circus of Books en A Secret Love, maakte vorig jaar het fijne coming of age-drama The Politician, en zijn to-do-list voor 2021 en 2022 staat alweer ramvol. Zodoende zou je de miniserie Hollywood – een coproductie met Ian Brennan (Scream Queens) – kunnen beschouwen als een tussendoortje. Maar daarmee wordt de ambitie van het project tekortgedaan, evenals het jonge acteertalent dat acte de présence geeft.

https://www.youtube.com/watch?v=PSGig6vLA4g&feature=emb_logo

Hollywood speelt zich af in Hollywoods gouden tijdperk. Net na de Tweede Wereldoorlog. Types als ex-militair Jack Castello (David Corenswet) komen als beren af op de honingpot die de filmindustrie is. Dagelijks meldt de hunk, die vanuit Missouri is over komen waaien met zijn zwangere eega, zich bij de hekken van de studio’s, in de hoop dat voor hem een figurantenrol in het verschiet ligt. Maar als hij keer op keer wordt gepasseerd - vinden ze hem dan niet knap? – dan ziet hij zich genoodzaakt om een baantje aan te nemen bij het tankstation van Ernie (Dylan McDermott), waar knappe mannen de pompen bedienen, en waar je meer kan krijgen dan volle tank.

Dit is natuurlijk – want het ligt er dik bovenop in Hollywood – een metafoor voor hoe iedereen in Tinseltown zich prostitueert, voor én achter de camera. Zodra de camera draait propageren de filmstudio’s het kleinburgerlijke leven of een zekere moraal. Huisje, boompje, beestje. Vooral voor witte gezinnen natuurlijk. Bij voorkeur geen joodse, trouwens. In werkelijkheid zijn het, zoals een personage schampert, júist joodse mensen die zorgen dat het geld in Los Angeles blijft rollen. Nieuwe openbaringen zijn dit overigens niet. Dit zal voor de meer ingevoerde kijker - die bijvoorbeeld naar de podcast You Must Remember This luistert - bekende informatie zijn. 

Wat Murphy daarentegen doet is naar de glamoureuze jaren vijftig kijken met een hedendaagse onvermijdelijke blik. Veel verhaallijnen gaan over minderheden en idealisten die hun verhalen – waarvoor weinig interesse is – voor het voetlicht willen brengen in de kantoren van de bobo’s – studiobonzen die evenwel al decennia gelijksoortige films blijven maken, omdat ze op safe spelen. Jawel, lijkt Murphy te zeggen, zo werkt Hollywood nóg steeds in het nu. In de tweede aflevering probeert een jonge scenarist de actrice Anna May Wong (een Chinees-Amerikaanse filmster uit die tijd, gespeeld door Michelle Krusiec) zover te krijgen om de hoofdrol in zijn film te spelen, maar een filmproducent ziet hier geen heil in: 'Daar gaat geen mens naartoe.'

Ironisch genoeg gáán daar mensen naartoe. Naar films met minderheden in de hoofdrol. Het is een fabeltje, dat mensen zoals hem decennia in stand hebben gehouden. Maar nogmaals, dit is geen nieuw nieuws. En dat geldt ook voor Hollywood, de serie. Er valt wel wat te zeggen voor de Murphiaanse stijl en inhoud. De barokke aankleding, de art deco kunstwerken en de vergulde lanen, aangevuld met Murphy’s kenmerkende vileine dialoog. En laten we ook de jonge cast niet vergeten, met naast Corenswet onder meer Laura Harrier en Darren Criss. Hoewel het spelen met clichés – namedropping (Billy Wilder, Bing Crosby) en het welbekende filmjargon – op den duur ook verwordt tot een cliché.

Misschien is dat evenwel de crux van Hollywood, de serie en de plek. Het bolwerk van narcisme dat steevast graag naar zichzelf wijst omdat ze de mooiste is – of omdat ze bevestigd wil zien dat ze nog steeds de mooiste is. Zoals Gloria Swanson in Sunset Boulevard (1950), ondertussen ook zo’n cliché, maar nog steeds schitterend. (En zoals Murhpy’s Hollywood eigenlijk ook een lofzang is op Hollywood en de menselijke veerkracht.)

Daarnaast probeert Murphy, soms met succes, de kijker te wijzen op de hypocrisie in Hollywood. Een mooi voorbeeld is dat Jack Castello om zichzelf en zijn vrouw te kunnen bedruipen op een gegeven moment als heteroman seks heeft met andere mannen. Waarmee zijdelings wordt verwezen naar vrije seks, de seksuele revolutie en seksuele verworvenheden. Maar zodra Castello genoeg centen verdient met zijn ‘dubieuze’ werk – sekswerk was in die tijd verboden – dan vraagt hij vrouwlief of ze haar baan niet opzegt, want dan kan ze haar laatste maanden zwangerschap lekker thuis doorbrengen.

Op dat soort momenten herinnert Murphy ons weer aan het tijdsbeeld van de jaren vijftig. Hoe progressief je ook naar je lotgenoten bent, zodra thuis de gordijnen dichtgaan verval je weer in je oude rol; dan wil Castillo vooral een echtgenoot zijn zoals hij die zo vaak heeft gezien in Hollywoodfilms. Dat is best een vreemde gewaarwording, hoe Hollywood toch een behoorlijke stempel drukte op het gezinsleven van toen. Dat is natuurlijk dé kracht van film, en er is geen enkel personage dat hieraan twijfelt. Want ook al zijn de dromen die in Hollywood worden gemaakt artificieel, ze vallen nooit in duigen.

Hollywood, vanaf 1 mei 2020 op Netflix

Lees ook