Hoe vergaat het met het probleemgezin uit de film Moederliefde?

· Door

Google+ Facebook Twitter WhatsApp

Voor de film Moederliefde keerde maakster Mirjam Bartelsman terug naar het probleemgezin dat ze twintig jaar eerder volgde.

Voor de film Moederliefde keerde maakster Mirjam Bartelsman terug naar het probleemgezin dat ze twintig jaar eerder volgde.

‘We gaan net zo lang door tot we er een mogen houden.’ Het is opvallend hoe deze woorden van Bertus Stomphort uit Schiedam bij veel mensen in het geheugen zijn blijven hangen. Hij schreeuwde het, twintig jaar geleden, tegen een medewerker van de jeugdzorg, toen zijn vijfde kind uit huis werd gehaald. Ik maakte in 1997 een aflevering van Zembla over deze familie: een driftige, verstandelijk beperkte vader; een weerloze, zwakbegaafde moeder en 5 kinderen, waarvan er 2 in pleeggezinnen woonden, 2 in een kinderhuis geplaatst waren en de jongste op het punt stond in een crisisgezin terecht te komen.
‘Hoe is het toch met die familie uit Schiedam,’ vroegen mensen de jaren daarna met enige regelmaat aan mij. Vooral het geschreeuw van de vader, het gehuil van de moeder en de hartverscheurende uitspraken van de jonge kinderen hadden diepe indruk gemaakt.
Ik had de afgelopen 20 jaar zo nu en dan contact met de ouders. De kinderen waren destijds zo jong dat ze zich niets meer van mij en van de opnames herinnerden. Ik wist in elk geval dat er geen nieuwe kinderen meer geboren waren. De ouders raakten kort na de opnamen in een jarenlange echtelijke strijd verwikkeld. Moeder Yvonne kon niet op tegen haar dominante echtgenoot. De hulpverlening probeerde haar weerbaarder te maken zodat ze zou durven scheiden. Dat proces duurde meer dan 10 jaar. Vader Bertus was intussen zijn vrouw regelmatig ontrouw. Uiteindelijk liet hij zich van Yvonne scheiden omdat hij wilde trouwen met Berta, zijn minnares. Als ik hen belde, hoorde ik vooral veel scheldpartijen over en weer en zag ik niet direct aanleiding om weer met de camera richting Schiedam te trekken.
Begin 2015 krijg ik een verzoek van ene Yvonne Schoonbrood om vrienden te worden op Facebook. Aan de afbeelding zag ik meteen dat het Yvonne Stomphorst was; ze had na haar scheiding haar meisjesnaam weer aangenomen. Ze kan niet goed schrijven. Maar; ‘sulle we vriende worde’ was duidelijk genoeg. Het bleek dat ze medespelers zocht voor het Internetspel Video Bingo, maar als Facebookvriend kwam ik nu makkelijk met haar in contact. Ik probeerde haar te bellen. Maar zonder gebit was ze onverstaanbaar en haar gebit doet ze alleen maar in op haar werk.
Wel schreven we zo nu en dan berichtjes via Messenger van Facebook.

Ik: Hallo Yvonne hoe gaat het?
Yvonne: Slegt
Ik: Waarom?
Yvonne: Nou gewoon geen gelt
rusie met me ex
en ik hep ceeoopeedee
Ik: Wat is dat?
Yvonne : Een ziekte aan je longe dat weet je toch wel
Ik: Wat zegt de dokter?
Yvonne: Ik mag niet roke maar dat ken natuurlijk niet
Ik: Je moet niet zoveel roken als je COPD hebt, daar kan je dood van gaan.
Yvonne: Dat doet me niks hoor eg niet
daar sit ik egt niet mee
ik ga niet stoppe met roken
ik ken t gewoon niet.
Ik: Ga je nog wel naar je werk.
Yvonne: Dat mag niet van de dokter
ik ga tog
wat moet ik tuis doen dan

Ik spreek af dat ik een keer bij haar langs kom. Op het afgesproken tijdstip, om 5 uur in de middag, staat ze al klaar op de galerij. Precies zo gekleed als twintig jaar geleden: een T-shirt, een wijde bloemetjes rok, blote benen, versleten werkschoenen. Als ik de kamer probeer binnen te gaan, word ik besprongen door een legioen katten. Het blijken er 10 te zijn, in alle kleuren en maten. Net als ik tussen een stapel kleren, twee volle asbakken en een schaaltje met een kunstgebit, een plaatsje heb vrijgemaakt op de bank, gaat in de woonkamer een deur open. Er stapt een slaperig, jongensachtig meisje de kamer in, gekleed in trainingsbroek en een shirtje. Ze is kennelijk net wakker, zegt hallo tegen mij, begroet met meer aandacht haar katten en gaat dan douchen.
‘Dat is Cynthia, mijn jongste kind,’ zegt haar moeder. ‘Ze woont hier een tijdje omdat ze ruzie heeft met een vriendin met wie ze op kamers zat. Ik vind het fijn dat ze er is. Ik ben haar moeder, ik hou van haar. Maar voor mij is er weinig gezelligheid aan. Ik ga om 6 uur s morgens naar mijn werk, dat is zo’n beetje de tijd dat zij gaat slapen. Als ik uit mijn werk kom, staat zij op. Dan gaat ze hier zitten met een koptelefoon op. Dan ga ik koken en als we eten, zegt ze niet veel. Daarna gaat ze weer naar haar kamer. En als ik naar bed ga, is de dag voor haar net begonnen. Ze is nu 20, ze werkt niet, ze gaat niet naar school, ze doet helemaal niks. Alleen maar kijken op haar laptop en op haar telefoon. Ze betaalt mij wel kostgeld want ze heeft studiefinanciering, omdat ze zogenaamd nog naar school gaat.’
Als Cynthia uit de douche komt, is ze wat toeschietelijker. Ze weet wel wie ik ben, want ze heeft de eerste reportage uit 1997 gezien. ‘Ik heb hem van YouTube laten halen,’ zegt ze. ‘Ik schaamde me dood, vooral voor mijn vader.’ Cynthia is als enige van de kinderen niet verstandelijk beperkt. Ze heeft een grillig humeur, soms is ze vrolijk en grappig, maar vaak is ze somber en chagrijnig. ‘Fuck My Life’ schrijft ze op Facebook. Toch zijn moeder en dochter niet afhoudend als ik vertel dat ik misschien een nieuwe documentaire wil maken. ‘Als ik zelf maar mag bepalen wat erin komt,’ zegt Cynthia. Dat beloof ik. Al heb ik op dat moment nog geen idee, hoe ik een documentaire kan maken over de haat-liefde verhouding tussen een zwakbegaafde moeder en een stille, slimme dochter.
Tot haar grote verdriet ziet moeder Yvonne haar andere kinderen niet of nauwelijks. Alle kinderen zijn blij dat ze destijds uit huis zijn geplaatst. Cynthia geeft me de telefoonnummers van haar zusjes. In de documentaire Moederliefde spelen moeder Yvonne en dochter Cynthia de hoofdrol. Maar de verhalen van de andere kinderen maken het verhaal compleet.

2Doc: Moederliefde 20 maart, NPO2, 20:55 uur

Lees ook