63 Up

63 Up: het einde komt in zicht

· Door

Google+ Facebook Twitter WhatsApp

Het pensioen lonkt voor de elf oorspronkelijke deelnemers van de unieke serie Seven Up! (1964).

In 1963 startte in Groot-Brittannië een uniek en ambitieus sociaal project. Twintig zevenjarigen werden geselecteerd voor een tv-programma, genaamd Seven Up!, dat vervolgens elke zeven jaar bij hen terug zou keren. De jongens en meisjes kwamen uit alle lagen van de bevolking, van kinderen die opgroeiden in kindertehuis tot kostschool. De kinderen werd dezelfde vragen gesteld over hun leven nu en hun blik op de toekomst. Wat willen ze graag worden, later? Wat vinden de jongens van meisjes, en andersom? Wat vinden ze van het klassensysteem?

De achterliggende gedachte van de serie kwam voort uit de volgende uitspraak: ‘Show me a boy when he is seven, and I will show you the man.’ De makers van Seven Up! wilden onderzoeken of dat waar is. Kan je aan een zevenjarige zien hoe hij/zij later zal worden?

De serie gaf over de vele jaren die volgden in ieder geval een uniek kijkje in de verschillende stadia van het leven. Als zevenjarigen zijn ze eigenlijk allemaal aandoenlijk. Sommige kinderen hebben grootse dromen, bij andere klinken vooral hun ouders door (de zevenjarige John, die later rechten wil gaan studeren in Cambridge:’ Ik lees de Financial Times’). Voor de kinderen uit de elite is hun hele schoolcarrière uitgestippeld, voor de andere ligt het allemaal meer open. Tony wilde graag jockey worden, Lynn wilde werken in een warenhuis en de ernstige Bruce wilde als missionaris afreizen naar Afrika. Om daar de ‘niet-geciviliseerde’ mensen te leren ‘goed’ te zijn.

Van de eerste twintig kinderen keerden er veertien terug voor de tweede editie, 7 Plus Seven (1970). Die editie liet vooral zien dat veertien jaar voor iedereen een ellendige leeftijd is, ongeacht klasse en sekse. In de edities erna besluiten enkele deelnemers toch niet terug te keren. Je kan het hen niet kwalijk nemen. Het is nogal een ingrijpende verplichting, eentje waarvan de zevenjarigen - door hun ouders, voogden en schoolhoofden voor de camera geschoven - destijds zeker de omvang en implicaties niet konden overzien.  

Elke zeven jaar een balans moeten opmaken is ook confronterend. In de eerste plaats voor de deelnemers, maar ook voor de kijker zelf. Want iedere nieuwe editie stel je jezelf als kijker dezelfde vraag: wat heb ik eigenlijk bewerkstelligd in de laatste zeven jaar? Zijn al mijn dromen en ambities uitgekomen? Zo viel Tony’s kinderdroom om jockey te worden in duigen: hij was niet goed genoeg. Op zijn 28ste zien we hem terug als taxichauffeur. Het levenspad dat Neil bewandelde was nog het meest tragisch van allemaal. Hij was een van de schattigste, meest enthousiaste jongetjes uit de groep met zevenjarigen. De zevenjarige Neil wilde later graag astronaut worden, maar woonde met 28 werkeloos en zwaar depressief in een vervallen caravan ergens in de Schotse Hooglanden. Andersom kan gelukkig ook. Zo transformeerde de norse, kettingrokende 21-jarige Suzy die niets van baby’s en relaties moest hebben in zeven jaar in een tevreden moeder van twee.

Iedere volgende editie bracht nieuwe zwaartepunten met zich mee. Er werd getrouwd, er werd gescheiden, er kwamen wel of geen kinderen, carrières verliepen precies of juist helemaal niet zoals verwacht. 56 Up ging in 2012 onvermijdelijk over de economische crisis, maar voelde ook een beetje als een keerpunt. Voor het eerst hadden de deelnemers meer tijd achter zich dan nog voor de boeg. In 63 Up – bij de NPO uitgezonden in drie delen – is sterfelijkheid dan ook de belangrijkste rode draad, al komen de Brexit, Trump en de steeds beperkter wordende sociale voorzieningen ook aan bod. Bijna iedere deelnemer is inmiddels zijn of haar ouders verloren. Ook het eigen lijf werkt niet altijd meer mee. Zo zit Jackie in de ziektewet en zit Tony voor de rest van zijn leven aan de morfine vanwege diepe veneuze trombose. Een van de deelnemers blijkt op 58-jarige leeftijd te zijn overleden. Van een ander is redelijk zeker dat deze 70 Up niet zal gaan halen.

De tijd begint niet alleen te tellen voor de deelnemers, maar ook voor de maker Michael Apted (The World Is Not Enough, Enigma, Enough), die sinds het prille begin bij het project betrokken is. Waar de deelnemers 63 zijn, gaat hij al richting de tachtig. Hoe lang zal hij dit nog kunnen blijven doen? En hoe levensvatbaar is de serie als hij er niet meer is? Een belangrijk element in de latere edities is de bijzondere relatie die over de tientallen jaren tussen Apted en de ‘kinderen’ is ontstaan, en die duidelijk terugkomt in de interviews. ‘Hoe zie jij je leven voor je als je zeventig bent?’, wil hij van kandidate Sue weten. ‘Zeg jij het maar Michael, jij hebt het al gehad.’ Vooral deelnemer Jackie neemt tijdens de interviews geen blad voor de mond en wees Apted ook terecht op het feit dat de meiden vooral werd gevraagd naar hun trouw- en kinderplannen, en de jongens naar hun carrière.

Samen met de deelnemers blikt Michael Apted terug. Hadden ze, nu terugkijkend, dingen anders willen doen? En hoe is hun ervaring deel uit te maken van dit project? Sommigen vinden het verschrikkelijk, anderen geweldig, weer anderen maken van een nood een deugd en gebruiken het platform om reclame te maken voor hun nieuwe band of een goed doel. Van de veertien doen er twee deze editie bewust niet mee.

En wat vinden ze van de uitspraak waar het destijds allemaal mee begon? Hoe waar is de boodschap dat met zeven jaar je leven als volwassene vaststaat? Neil en Tony lijken uitzonderingen op de regel, de ene beter, de ander slechter dan verwacht (Apted verwachtte Tony, die als zevenjarige niet terugschrok voor een robbertje vechten, met 28 jaar terug te vinden in de gevangenis, maar Tony ontpopte zich tot een van de meer gelukkige kandidaten). Deelneemster Sue, hoofd administratie op een Londense universiteit, geeft de makers tot op zekere hoogte gelijk. Je kan bijvoorbeeld verlegen geboren zijn. ‘Then life happens.’

63 Up, vanaf 8 juli op NPO Start Plus en wekelijks op NPO 2 en NPO Start.

Lees ook