Het allerbeste tv-drama komt uit Scandinavië, toch?

· Door

Google+ Facebook Twitter WhatsApp

Het allerbeste tv-drama komt uit Scandinavië, zo vond ook Julien Althuisius. Hij ging er zelfs een beetje nep Deens van spreken. Maar de liefde is over. ‘Het is te veel van hetzelfde.’

Een paar jaar geleden, nog voordat Netflix voet op Nederlandse bodem had gezet en je nog gewoon series op dvd moest kijken, was ik verslaafd aan The Killing – Forbrydelsen voor intimi. De hondsdolle manier waarop ik de twintig afleveringen van een uur verslond word slechts geëvenaard door de gêne-vrije staat waarin ik – in een nog verder verleden – na het uitgaan de muur van de FEBO plachtte leeg te trekken. Ademloos keek ik hoe Sarah Lund slechts gewapend met een zaklamp donkere, verlaten pakhuizen binnenging die geen enkel weldenkend mens ooit binnen zou gaan. ’s avonds laat viel ik in slaap bij het Deense gebrabbel en droomde ik over de onverwoestbare Faeröerse trui van Lund.
Na Forbrydelsen kwam The Bridge (Bron/Broen), ook weer een meeslepende detectiveserie over twee rechercheurs, de een Deens, de ander Zweeds en met het macabere uitgangspunt van een keurig in tweeën gehakt lijk, gevonden precies op de grens van Denemarken en Zweden. Wat de trui van Sarah Lund voor Forbrydelsen was, werd de snertgroene Porsche van Saga Norén voor The Bridge.

[caption id="attachment_23342" align="alignnone" width="640"] Sarah Lund[/caption]

En dan was er natuurlijk nog Borgen, de politieke dramaserie van de makers van The Killing, over Birgitta Nyborg en Kasper Juul en Katrine Fønsmark en Torben Friis en for helvede wie nog meer. Een thriller, zo schreef de New York Times, ‘over het saaiste politieke conflict in Europa: parlementsverkiezingen in Denemarken’. De serie werd wereldwijd een gigantisch succes.

Elke zichzelf respecterende krant of tijdschrift had interviews met de hoofdrolspelers die toch oh zo lekker normaal waren gebleven en analyses over waarom nou juist die Scandinavische series het toch zo goed deden. Ik stond vooraan in die polonaise. Voor de Volkskrant interviewde ik op een hotelkamer in Antwerpen Sidse Babett Knudsen, die in het echt nog charmanter bleek dan haar personage Birgitta Nyborg in Borgen; ik sprak telefonisch met Pilou Asbaek (Kasper Juul) en kreeg zijn persoonlijke telefoonnummer en mailadres; vloog naar Kopenhagen om Adam Price (de man achter Borgen) te spreken; probeerde een vinger achter het Deense succesmodel te krijgen (een belangrijke oorzaak was, verrassend genoeg, geld, veel geld. Een publieke omroep die al jarenlang bereid is veel te investeren in drama). Ik was zo ondergedompeld in Denemarken dat ik mezelf op een gegeven moment een soort nep-Deens aan leerde.

Het was een tijd dat bij Ajax de Denen Christian Eriksen, Viktor Fischer, Christian Poulsen en Nicolai Boilesen de dienst uitmaakten, de tijd dat na Forbrydelsen, The Bridge en Borgen ook nog The Legacy, 1864 en Dicte volgden. Een tijd waarin alles dat uit Scandinavië – en in het bijzonder Denemarken – per definitie kwalitatief hoogwaardig was, of het nou om voetballers of televisieseries ging. Het was een mooie tijd.

Maar die tijd is nu wel voorbij, for helvede. Met veel pijn en moeite keek ik nog een groot deel van de eerste seizoen van The Legacy, begreep ik waarom het in Denemarken een groot succes was en snapte ik heus wel wat er goed aan was, maar lukte het me niet om de serie helemaal af te kijken. Goed geschreven, geweldig gefilmd, maar mij te traag, te onderhuids, te Deens. Net als dat ik na een paar afleveringen afhaakte bij Trapped, een IJslandse televisieserie met net zoveel mysterie, moord, sneeuw en onderkoelde hoofdpersonen als zijn Scandi-collega’s (ja, alles kan op één hoop). Dat mijn hart niet meer sneller gaat kloppen van Scandinavische televisieseries (en overigens ook voetballers) ligt niet zozeer aan hun, maar aan mij. Maar eigenlijk ligt het wel aan hun.

Kijk, wat series als The Killing en Borgen zo fijn maakte om naar te kijken was – behalve dat het natuurlijk allemaal heel erg goed gemaakt en geschreven was – dat het op een prettige manier dichtbij was, maar toch ook weer ver weg. Denemarken – ook de taal – lijkt heel erg op Nederland, maar ook weer helemaal niet. De perfecte afstand. Ver genoeg om je niet aan het acteerwerk of de acteurs (net als in Nederland zie je ook in Denemarken steeds dezelfde gezichten overal) te ergeren, maar wel nog zo dichtbij om een bepaalde culturele verbondenheid te ervaren.

Bovendien hadden al die series die lekkere Scandi-sfeer, die je misschien het beste kan omschrijven als een mengeling van kou, traagheid, duisternis, somberheid, grijstinten, ingetogenheid en gruwelijkheid – maar die je tegelijkertijd om je heen kon slaan als een comfortabele, warme deken. Ikea, maar dan op ­televisie.

[caption id="attachment_23343" align="alignnone" width="640"] The Legacy[/caption]

Eigenlijk zijn alle redenen waarom ik ooit verliefd werd op Scandinavische televisieseries, precies dezelfde redenen dat ik nu niets meer van ze moet hebben. Het is meer – te veel – van hetzelfde. Gruwelijke moord, verknipte rechercheur, mysterie, mooi breiwerk, gecompliceerde familiebanden, natte sneeuw, bla, bla, bla. Het is als met de muziek van Jack Johnson. Zijn eerste drie albums heb ik grijsgedraaid, maar een mens kan maar zoveel ukelele verdragen.

In maart verscheen in The Guardian een artikel met de kop ‘Scandi noir is dead’. De aanleiding was de start van de serie Midnight Sun, een Frans-Zweedse coproductie over een man die aan zijn einde komt door aan de bladen van een vliegende helikopter te zijn gebonden. Die helikopter wordt gevonden, maar de piloot is spoorloos – net als het hoofd van de helikopterman. Er wordt een boardingpass van Air France gevonden, waardoor er een rechercheur uit Parijs wordt ingevlogen die de Zweedse politie moet helpen. Het decor: een stadje in de poolcirkel waar de zon zes maanden per jaar onafgebroken schijnt.
Toen ik dat uitgangspunt voor het eerst las, schoot ik in de lach omdat ik dacht dat het om een persiflage ging. Maar dat was niet het geval. ‘In alle industrieën,’ schrijft de auteur van het stuk, ‘onthult een verhoogde vraag de zwaktes van een productie’. Dat is een deftige manier om te zeggen: oké, dit is allemaal gewoon een beetje te veel van het goede en weet je wat, doe vooral lekker je ding, maak lekker nóg een seizoen van The Bridge en voeg nóg een nieuw hoofdstuk toe aan The Legacy (hoe lang kun je erover doen om een erfenis te verdelen?), maar ik haak even af. Undskyld.

The Legacy: maandag, NPO 2, 22:55 uur

Derde seizoen van de Deense dramaserie over een familie die in een strijd om de erfenis is verwikkeld.

Lees ook