The Last Thing He Wanted

The Last Thing He Wanted: badass Anne Hathaway in matige boekverfilming

· Door

Google+ Facebook Twitter WhatsApp

De bewerking van Joan Didions gelijknamige boek is bij vlagen spannend, maar ook chaotisch en wollig.

Je moet bijzonder ambitieus zijn om het werk van Joan Didion – een van de grootste Amerikaanse auteurs – te verfilmen. In 2017 werd bekend dat Dee Rees – bekend van haar magistrale Mudbound (2017, Netflix) - het boek The Last Thing He Wanted (1996) zou verfilmen. Over de gejaagde journaliste Elena McMahon (in de film vertolkt door Anne Hathaway) die in 1984, tijdens de herkiezingscampagne van Ronald Reagan, verstrikt raakt in een web van intrige. Centraal in het verhaal staan de machinaties van de regering en de Amerikaanse inmenging – waaronder de grootschalige wapenhandel - in Centraal-Amerika, ten tijde van de Contra’s.

https://www.youtube.com/watch?v=rbAqYju20Gc&feature=emb_logo

The Last Thing He Wanted draait aanvankelijk om de strijd tussen David (McMahon is een beroepscynicus met een scherp analytisch vermogen) en Goliath (de oppermachtige Amerikaanse overheid, met haar snode plannen). Hathaways personage is eigenlijk een soort dubbelspion, met bijzonder manipulatieve trekjes, die allerlei gure types voor zich weet te winnen. Ondertussen openbaart haar vader Richard (Willem Dafoe is altijd een genot om te zien) zich als een onuitstaanbare zakenman met een schimmige agenda. En neemt het verhaal een aantal opzienbarende wendingen.

Didion staat bekend om haar filosofische bespiegelingen, en Hathaway is met haar geveinsde bravoure een prima stand-in. In de voice-over spreekt ze gedecideerd over oorlogsmisdadigers, koude harten en slappe zielen, terwijl ze door de jungle reist en haar vakgenoot, fotografe Alma (Rosie Perez), foto’s neemt van verkoolde lijken. Memento’s van een smerige strijd die onder het tapijt dreigt te worden geveegd. Wat volgt is een wirwar aan scènes, in Washington en in de tropen. Soms zonder logische opeenvolging, maar ook met een gebrek aan artistieke validiteit. Van de hak op de tak springen – zoals Didion doet in haar oeuvre – werkt niet zo makkelijk in een film, zoveel is duidelijk.

Het staat buiten kijf dat The Last Thing He Wanted een verhaal over het nu wil zijn: over de morele plicht die journalisten hebben om zaken die het daglicht niet kunnen verdragen onder de aandacht te brengen. En ook over de grijze tinten in het leven: niet alles is zwart of wit. Maar het allesbehalve feilloze scenario van Rees en co-scenarist Marco Villalobos brengt die intrinsieke boodschap op nogal houterige wijze voor het voetlicht. The Last Thing He Wanted oogt eveneens onbedoeld retro. Bijna inwisselbaar met Under Fire uit 1983, over een groep journalisten die in Nicaragua de oorlog verslaan.

Toch ging de film in première op het prestigieuze Sundance filmfestival de afgelopen maand. Misschien wel omdat The Last Thing He Wanted ook hoogtepunten bevat: goede, zinderende scènes. Maar de som der delen is wollig en chaotisch. Een voorbeeld van een mislukte boekverfilming.

Wie meer over Didion wil weten: de documentaire Joan Didion: The Center Will Not Hold is een aanrader.

The Last Thing He Wanted, vanaf 21 februari 2020 op Netflix

Lees ook