The Alienist: in gesprek met Daniel Brühl, Luke Evans en Dakota Fanning

· Door

Google+ Facebook Twitter WhatsApp

‘Hoe angstig we zijn om te doorgronden wat er in onze bovenkamers allemaal plaatsheeft.’

In het chique Boscolo Exedra Hotel in Rome schuiven we met een aantal vakgenoten tijdens het What’s Next-evenement van Netflix in een hotelkamer aan bij de hoofdrolspelers uit het duistere The Alienist: Daniel Brühl, Dakota Fanning en Luke Evans. Brühl speelt in deze adaptatie van het gelijknamige boek uit 1994 dokter Laszlo Kreizler: een psycholoog avant la lettre die in 1896 in de krochten van New York City een seriemoordenaar op het spoor is. Deze buitengewoon intelligente verschijning - hij hanteert een voor die tijd innovatieve onderzoeksmethodiek - wordt in de serie bijgestaan door politiesecretaresse Sara Howard (Fanning) en illustrator en bon vivant John Moore (Evans).

Fanning en Evans ogen opgetogen, terwijl Brühl een afgepeigerde doch vriendelijke indruk maakt. De Duits-Spaanse acteur, bekend van films als Captain America: Civil War en Rush, biecht op dat slapen voor hem geen overbodige luxe is: ‘Mijn zoontje heeft me de hele nacht wakker gehouden.’ Maar, zo vertelt hij, van de macabere scènes in The Alienist ligt hij ’s nachts niet te malen: ‘Ik omarm die duisternis. Ik keek er echt naar uit om die te gaan filmen.’ Hij kijkt bijna euforisch, terwijl er flink wordt gelachen. Brühl vervolgt: ‘Ik voel me al sinds mijn tienerjaren aangetrokken tot sinistere sferen.’

Dakota Fanning zet uiteen hoe zij omgaat met het nogal bloederige karakter van de serie: ‘Ik kan goed onderscheid maken tussen mijn personage en mijzelf. Zo gaat dat als je zeven maanden filmt; dan zou het gênant zijn als je zo diep in je rol zat, met de bijbehorende nare gevoelens.’ Luke Evans haakt in: ‘We zouden gek worden; we zouden doordraaien als we als acteurs ook buiten de opnames in de verhaalwereld zouden blijven hangen.’ De Welshman vergelijkt zijn werk als acteur met dat van een forensisch onderzoeker: ‘Die hebben ook een manier waarop ze hetgeen dat ze op een plaats delict zien kunnen verwerken.’

Evans benadrukt even later dat de bovengenoemde vergelijking met zijn metier ietwat gechargeerd is. Hij heeft evenwel een andere geestig bedoelde tip: ‘Ik kwam erachter dat Aperol Spritz goed werkt.’

Hierop rijst de vraag wat Brühl – die bevlogen vertelt over historisch New York, en zich goed heeft ingelezen – zo aansprak aan zijn personage: ‘Dit was het prille begin van de psychologie. Pioniers als Kreizler waren moedig en progressief; echte liberalen. De gemeenschap keek afkeurend naar deze mensen, die beschouwd werden als gevaarlijke charlatans. Het is opzienbarend als je je realiseert hoe lang het heeft geduurd voordat experts besloten om de menselijke geest op professionele wijze te bestuderen. Dat zegt wat over hoe angstig we zijn om te doorgronden wat er in onze bovenkamers allemaal plaatsheeft.’

Ook Fanning licht de fascinatie voor haar personage toe: ‘Sara is de eerste vrouw die bij het New Yorkse politiedepartement komt te werken. Normaliter is er in dit soort historische drama’s niet veel diversiteit qua vrouwelijke personages, omdat er zoveel zaken waren die voor vrouwen verboden waren. Mijn personage vecht juist tegen die beklemmende omstandigheden: ze is niet getrouwd, heeft geen kinderen en is gefocust op haar carrière.’ De actrice vertelt hoe ze tot de beslissing komt om bijvoorbeeld een rol wel of niet aan te nemen: ‘Dat werkt instinctief. Als je je afvraagt of je iets wel moet doen, dan moet je het laten.’

En hoe ziet ze haar rol als vrijgevochten vrouw achteraf bezien – The Alienist was al gefilmd - vanuit de #MeToo-affaire? ‘Er zijn verwijzingen naar MeToo in de serie, zoals in de eerste aflevering, op Sara’s werkplek, tijdens een ontmoeting met haar collega. We zien situaties die een afspiegeling zijn van verhalen die we de laatste maanden van verschillende actrices hebben vernomen.’ Zo kan een televisieserie achteraf – en soms onbedoeld – reflecteren op een hedendaagse ontwikkeling.

The Alienist visualiseert eveneens de onderbelichte en ook bij vlagen nare historische kant van de Big Apple, aldus Brühl: ‘New York was een verrotte plek. Ik ben altijd een liefhebber van de stad geweest, dus voor mij is The Alienist ook een geschiedenisles. Nu begrijp ik de stad beter als ik erheen reis: de grote kloof tussen arm en rijk; met de families Vanderbilt en Roosevelt. Ik wist ook niets over de jongensbordelen, of dat Theodore Roosevelt (gespeeld door Brian Geraghty) voordat hij president van de Verenigde Staten werd leiding gaf aan het New Yorkse politiedepartement.’

Zo kan het maken van televisie vergeleken worden met het reizen door de tijd, aldus Brühl: ‘Vorig jaar waren we in New York voor een aantal persafspraken en toen liepen we over dezelfde straten die ze eerder voor ons hadden nagebouwd op de set in Budapest.’ Over tijdreizen gesproken: zijn er beroemde historische personen die de acteur mits mogelijk zou willen ontmoeten? ‘Gezien het feit dat we hier in Rome zijn zou ik Augustus en Caesar wel de hand willen schudden.’ Evans geeft de voorkeur aan Winston Churchill: ‘Dat zou een geinige dinergast zijn: een grote drinker, een fervent roker en een grappige verschijning.’

Waarop Evans het interview afsluit met de diepzinnige gedachte dat een serie als The Alienist in zijn ogen aantoont dat de geschiedenis zich herhaalt: ‘Als je het wereldnieuws aanzet, dan zie je grote verschillen tussen arm en rijk en de exploitatie van de kwetsbaren. The Alienist reflecteert op tragische wijze op deze hedendaagse ontwikkelingen. Dat is het interessante aan het maken van televisie: dat je een grotendeels gefictionaliseerd verhaal visualiseert, dat gesprekken uitlokt over hoe het leven voor sommige groepen op deze aarde niet wezenlijk is veranderd.’

The Alienist is nu te zien op Netflix. Lees ook onze recensie en ons interview met regisseur Jakob Verbruggen.

Lees ook