Suburra S01: Coming-of-age-verhaal met een overdaad aan geweld

Het cartooneske karakter van de Italiaanse misdaadreeks moet de kijker maar voor lief nemen.

Het Vaticaan en het parlement liggen er wonderschoon bij in de nachtelijke uren, evenals de andere straten en stegen die Rome rijk is. Een priester stapt in de buurt van het Sint-Pietersplein, nabij het geestelijke bolwerk, in een taxi en belandt in een bordeel waar een orgie gaande is, aan de rand van de Eeuwige Stad. In een aangrenzende peeskamer heeft de zondaar seks met een prostituee terwijl hij zich tussendoor te goed doet aan een verse voorraad cocaïne. De nietsvermoedende geestelijke strompelt na een overdosis naar de receptie waar hij ineenzakt: dit blijkt een ongelukkige samenkomst van omstandigheden.

Het toeval wil dat op dat moment twee beroepscriminelen – twee aartsvijanden – aanwezig zijn in de ruimte. En dat de seksuele escapade is gefilmd door de betreffende vrouw van lichte zeden (actrice Lorena Cesarini zien we later terug). Dat is genoeg aanleiding voor afpersing: de uit de Romeinse havenstad Ostia afkomstige Aureliano (Alessandro Borghi) en de telg uit een Roma-familie Spadino (Giacomo Ferrara) zien talloze mogelijkheden voor chantage maar moeten eerst door een deur kunnen. De eerstgenoemde kan ‘zigeuners’, zijn rivalen, niet uitstaan. En dan is er nog het sulletje Lele (Eduardo Valdarnini): de zoon van een politieagent heeft op verzoek van Vaticaan-bons Sara Monaschi (Claudia Gerini) de courtisanes en de drugs gefourneerd en wil ook een deel van de opbrengst.

Hoe dit hedonistische partijtje uit de openingsscène afloopt, zien we aan het einde van de aflevering. De afleveringen van Suburra beginnen met een cliffhanger alvorens de aanloop naar de climax wordt getoond; een dag eerder. Zo zien we hoe Lele zich tijdens een feestje op een woonboot in de Tiber ontpopt als de lokale drugsdealer. De proleet wordt vervolgens ontmaskerd door een van de handlangers van Samurai (Francesco Acquaroli): de grote don die vanuit zijn manege de onderwereld van de Italiaanse hoofdstad bestiert. Lele moet een dwangsom betalen. Dankzij zijn onbezonnen handelingen is hij nu chantabel geworden.

Allicht is dat de kern van Suburra: wie zich inlaat met de maffia zakt steeds verder weg in het spreekwoordelijke drijfzand. Ergo: een psychopaat als Samurai laat je niet meer los. Zelfs zo’n invloedrijke patriarch heeft trouwens zijn opdrachtgevers, die in de gelijknamige film uit 2015, waar Suburra een spin-off van is, worden omschreven als ‘rijke zuidelijke families’. Dan valt te denken aan de georganiseerde misdaad uit Campanië, Calabrië en Sicilië. Die hebben Samurai opdracht gegeven om het bestemmingsplan van havenstad Ostia te wijzigen. Daar moet een Italiaans Las Vegas worden opgetrokken, waar naar hartenlust kan worden gegokt – dat is de grote motivator van de plot.

Aureliano en zijn familie, de Adami’s, zullen flink verdienen aan dit bouwproject. Gezien de tonnen cocaïne die Rome zullen binnenrukken via de nieuwe aanlegplaatsen. Het beoogde land is tevens deels in hun bezit. De katholieke kerk bezit het leeuwendeel van de kustlijn. Een commissie moet in het Vaticaan beslissen of ze het landgoed van de hand willen doen. Zodat het parlement – gevuld met corrupte politici – eveneens haar goedkeuring kan verlenen. Hiervoor is weinig tijd want binnen drie weken treedt de Romeinse burgervader af, en kan het hele riedeltje – het achterkamerspel – weer opnieuw beginnen onder een nieuw Romeins bewind. Die tijdsdruk heeft op zijn beurt weer het nodige geweld tot gevolg: betrokkenen gedragen zich als katten in het nauw.

Aureliano en Spadino werpen zich op als de hedendaagse Nero’s van Rome. Zelfbenoemde keizers die niets liever willen dan hun geboortestad zien branden, als hun plannen niet tot uitvoering worden gebracht. Souffleurs in het gemeentehuis en attaché Sara gooien voortdurend roet in het eten. Talloze hooggeplaatste ambtenaren staan in het geniep op de loonlijst van Samurai. De opperbaas verschijnt overal ten tonele op zijn motorbike in een poging de hoog opgelopen vetes tussen de verschillende partijen te bedaren; en in een poging om zijn eigen aandeel in het vastgoedproject zeker te stellen.

Rome is niet gebouwd in een dag, zoveel wordt duidelijk. Dat is tegelijkertijd de achilleshiel van Suburra: de makers begeven zich in een verhaalwereld die al eeuwenlang de nodige aandacht krijgt. Ook in het heden. Denk aan de speelfilm Gomorrah (2008) en de spin-off, in de vorm van de populaire Netflixserie die is gesitueerd in het criminelere Napels. Het is dan een beproeving voor de makers van Suburra om niet te vervallen in clichés: Fellini filmde immers ook al langs de Romeinse ringwegen. Dat is evenwel het probleem met de misdaadserie: de mannetjesputters – onder wie Spadino (steevast in trainingspak) en de hevig getatoeëerde Aureliano – worden al snel karikaturen van zichzelf.

Dat cartooneske karakter moet de kijker maar voor lief nemen, evenals de gekunstelde vertelvorm en de talloze ‘red herrings’. De plotontwikkelingen die afleiden van een keur aan onlogische plotgaten. Zoals een van de politici die huisarrest heeft maar niet wordt beveiligd terwijl men van hogerhand weet dat de maffia betrokken is bij het onderzoek naar zijn wanpraktijken. Dat de camera steeds dichter op de huid van de hoofdpersonen gaat zichten werkt eveneens averechts: we zien de zachtaardige kant van de rouwdouwers, evenals hun jongensachtige slaapkamers. Suburra verwordt dan tot een coming-of-age-verhaal met een overdaad aan geweld.

De misdaadserie laat zich inderdaad omschrijven als een brutaal jongensboek. Met twintigers die zich gaandeweg manifesteren als de Medici’s van hun eigen tijdperk, waarin groteske daden – moord en verkrachting – worden verheerlijkt. Ook racisme jegens de Roma-families en zwarte personages gaat men niet uit de weg. Spadino’s familie wordt belicht als een stel nietsnutten die vanuit hun gouden paleis – gevuld met Roma-gezinnen – drugs verhandelen en armoedzaaiers afpersen. Dikwijls stelt Aureliano hoe ‘zigeuners’ in zijn ogen minderwaardig zijn. Op een gegeven moment weten we het wel – de Romeinen zullen in werkelijkheid vast ook dolblij zijn met de witte maffiosi.

Hoe dan ook staat het buiten kijf dat Suburra (Subura was ooit een arme wijk in het centrum van Rome) uiteindelijk ontaard in een bloedbad. Net als in de fijnzinnigere film uit 2015, met grotendeels dezelfde cast. Toen voorspelde de Britse krant The Guardian al dat het verhaal over de wijdverbreide corruptie in Rome, dat gedeeltelijk is gebaseerd op waargebeurde verhalen, zich uitermate goed zou lenen voor een televisieserie. Die profetie blijkt nu waarheid geworden. Hoewel de stijlfiguur van jonge bandieten die geen ontzag hebben voor hun oudere leermeester – na Gomorrah en Suburra – nu wel is uitgewoond.

Suburra S01, vanaf 6 oktober bij Netflix