Reconstructie: de impact van Roots (1977)

· Door

Google+ Facebook Twitter WhatsApp

Met de remake van Roots een terugblik op het immense succes van de originele serie in 1977, waardoor voor Amerikanen wegkijken geen optie meer was.

Met de remake van Roots een terugblik op het immense succes van de originele serie in 1977, waardoor voor Amerikanen wegkijken geen optie meer was.
 

Het was een soort binge-kijken avant-la-lettre, de uitzending van Roots in Amerika in januari 1977. Over de programmering – acht avonden achter elkaar – was goed nagedacht: als het een flop zou worden, dan was het weer snel voorbij én vergeten, dacht tv-network ABC. Het liep anders: Roots, de op het gelijknamige boek van Alex Haley gebaseerde miniserie over de geschiedenis van de slavernij, bleek een groot succes. 85 procent van de Amerikaanse huishoudens keek ernaar, wat betekende dat er 130 miljoen mensen (destijds de helft van de Amerikaanse bevolking) ten minste een deel van de serie hadden gezien. Zo’n honderd miljoen mensen keken naar de laatste aflevering op zondag 30 januari. Hoog gewaardeerd werd de serie ook: hij kwam terecht in de top drie van de All time Rating, na de Super Bowl, maar vóór de tv-vertoning van Gone with the Wind.

Het land was er klaar voor geweest, luidde de verklaring voor het succes. Want het was zeker een risico dat ABC nam: de slavernij mocht dan officieel iets meer dan honderd jaar eerder zijn afgeschaft (op 18 december 1865); de arrestatie van Rosa Parks die in de bus was gaan zitten op de plek van een blanke was destijds nog geen 25 jaar geleden, de Ku Klux Klan had in de jaren 60 nog een wederopstanding gehad, toen Marten Luther King vocht voor gelijke rechten voor blank en zwart en Malcolm X een hardere lijn volgde. Voor de generatie jonge zwarten was terugkijken in die jaren niet aan de orde: zij labelden ouderen zwarten al snel als Uncle Tom, de personage uit het boek De Hut van Oom Tom van Harriet Beecher Stowe, een term waarmee de Afro-Amerikaan wordt bedoeld die een wit voetje probeert te halen bij de blanken of zich onderdanig opstelt. En dat was absoluut niet het beeld waarmee de jonge zwarten zich wilden identificeren.

De jaren 60 waren dan ook nog te explosief voor een serie als deze. Maar het was niet alleen de veranderde Zeitgeist van de jaren 70. Het was ook de manier waarop Haley zijn boek had geschreven dat het succes bepaalde: vanuit het perspectief van een in een dorp in Afrika geboren jongen, genaamd Kunta Kinte die, na een idyllische kindertijd, in zijn tienerjaren gevangen was genomen door een Britse slavenhandelaar, vastgeketend in het ruim van een schip naar Amerika werd vervoerd, op een plantage kwam te werken, werd mishandeld door de racistische plantagehouder, probeerde te vluchten, waarna zijn voet werd afgehakt; trouwde, en een kind kreeg die uiteindelijk en via een lange weg een vrije slaaf zou worden. Meer dan honderd jaar besloeg het verhaal dat speelde van 1760 tot 1880.

Haley beschreef grotendeels zijn eigen geschiedenis. Maar die geschiedenis was ook die van nagenoeg alle zwarte Amerikanen. Zijn boek en de mini-serie zorgde voor een nieuw zelfbewustzijn: vele Afro-Americans gingen op zoek naar hun ‘roots’, naar hun wortels, dat zoals Haley het in interview een keer omschreef, ‘slechts een kwestie was van het opvullen van gaten: welke persoon leefde in welk dorp, ging mee op welk schip, over diezelfde oceaan, kwam als slaaf terecht op welke plantage, vocht voor emancipatie en uiteindelijk vrijheid’.

Edoch, zo makkelijk bleek het niet, want tot 1870 werden zwarten slechts geregistreerd op leeftijd en geslacht en niet bij naam. Dat Haley wel veel verder was gekomen (hoewel ook zijn boek faction was – feit gemengd met fictie – en hij later nog is aangeklaagd wegens plagiaat van bepaalde passages in het boek) kwam omdat hij op het spoor werd gebracht door de oral history van zijn in Tennessee opgegroeide grootmoeder, via wie hij in Gambia terecht kwam in het dorp van zijn voorouders. Voor de authenticiteit was Haley zelfs nog mee gegaan op een groot vrachtschip de oceaan over, in het ruim, zodat hij voor een deel kon voelen wat zijn hoofdpersoon Kunta Kinte moest hebben gevoeld. Al voegde hij er gelijk aan toe dat dat nooit echt kon.

Twaalf jaar research en schrijven had zijn boek van 880 pagina’s gekost. Als je het nu leest, is het de voornamelijk in indirecte rede geschreven verhaal wat stroperig, maar dat was deels een bewuste keus geweest van Haley: hij had het opgetekend al ware hij een griot, een Westafrikaanse dichter, een bewaarder en verteller van mondeling overgebrachte tradities en geschiedenis. Hoewel het boek al de nodige stof deed opwaaien en goed ontvangen werd – het kwam binnen op de bestseller top-5 en steeg binnen een paar maanden door naar nummer 1, was het de mini-serie – waaraan al gewerkt werd, voordat het boek was gepubliceerd – die zowel bij zwarten als bij blanken aansloeg.

Dat het aansloeg bij blanken was ook de opzet geweest van de producenten die voorafgaand nog als de dood waren dat ze het publiek niet zouden bereiken met een serie over slavernij, waarin hoofdrollen zouden worden gespeeld door Afro-Amerikanen. In die tijd bestond het tv-publiek nog voor 90 procent uit blanken en die werden ook door blanke acteurs bediend. Maar het was wel die groep die bereikt moest worden om de vijf miljoen kostende serie tot een commercieel succes te maken. Kosten noch moeite werden gespaard om tot een uitgekiende blanke cast te komen. Ed Ashner, beroemd uit de Mary Tyler Moore show, werd gestrikt en verdiende meer dan de hele zwarte cast bij elkaar – die toch zeker uit niet de minste namen bestond (Maya Angelou, Louis Gossett Jr., John Amos, O. J. Simpson, Madge Sinclair, Ben Vereen). In de trailer die voorafgaand aan de uitzending werd vertoond zag je vooral scènes met blanke hoofdpersonen. Maar uiteindelijk opende iedereen zijn hart voor Kunta Kinte, die als jong volwassene gespeeld werd door de toen nog onbekende acteur LeVar Burton. Toen Kunte Kintes voet in de serie werd afgehakt, werd er in de miljoenen huiskamers collectief gerouwd.
[blendlebutton]

Er was ook kritiek op de serie, vooral omdat het collectieve bewustzijn werd aangewakkerd en de blanken de schuld kregen van de wreedheden die waren begaan door hun grootouders. Maar Roots was voor Amerikanen ook wat Claude Lanzmanns Shoah, over de jodenvervolging in Europa, was: het toonde de geschiedenis waardoor wegkijken geen optie meer was.

Inmiddels zijn er veertig jaar verstreken. De culturele impact van Roots is enigszins vergeten en de slavernij, ondanks enkele recente, met name kritisch goed ontvangen producties als het Oscarwinnende 12 Years a Slave en Birth of a Nation, nog altijd geen onderwerp dat uitputtend is gebruikt in films en in tv-series. Omdat de originele serie gedateerd is geworden en omdat er nieuwe informatie was over Kunta’s achtergrond (zo waren de Kunta’s moslim), werd besloten tot een remake, met Laurence Fishburne en Forest Whitaker als publiekstrekkers en Malachi Kirby als Kunta Kinte. Allemaal wat ‘moderner’ en van nu. Maar mind you: in 1977 waren de naaktscènes ook behoorlijk vooruitstrevend geweest. En hoewel de serie in Amerika goed is ontvangen, heeft het uiteraard niet de impact gehad van het origineel in 1977.


‘De straten waren uitgestorven’

Anne-Marie du Plessis werkte tot 1990 met haar man Esau du Plessis voor de Boycot Outspan Actie die streed tegen de Apartheid. Ze woonde van 1976-1980 in de Verenigde Staten. Daarna in Nederland en sinds 1995 weer in haar geboorteland Zweden.

‘Ik zag Roots toen ik eind jaren 70 in Amerika woonde, in Minneapolis. Het was een enorme happening, iedereen had het erover. De straten waren uitgestorven in de dagen dat de serie werd uitgezonden. Wat ik me ook herinner was hoe kinderen in mijn buurt de film imiteerden: witte kinderen sloegen zwarte kinderen met een zweep en ze hadden samen veel plezier. Ik vond dat verbazingwekkend – en heel vreemd dat geen enkele volwassene ze corrigeerden of er überhaupt iets van zei. Maar goed, misschien was het ook wel de manier waarop kinderen het begrepen. Gezinnen keken gezamenlijk naar Roots, jong en oud samen op de bank voor de tv. Ik woonde in een arme buurt in Minneapolis, de meeste mensen die er woonden waren of arme blanken of Afro-Americans en een paar studenten zoals ik. De zwarte en blanke kinderen behoorden tot dezelfde klasse en leefden op dezelfde manier en hadden allebei dezelfde sociale problemen. Ik denk dat iedereen zich enigszins in hetzelfde schuitje voelde zitten. Ik heb mezelf weleens afgevraagd of Roots hen bewust had gemaakt van het verschil in kleur en achtergrond en of dat dan positief was of niet. Wat ik me ook nog herinner dat er nog een tijd nadat de serie was uitgezonden, een groep zwarte tieners voor mijn deur heeft gezeten en de deur blokkeerden, zodat ik er niet in kon. Ik weet nog dat ik dacht: maar ik ben Zweeds, ik ben niet verantwoordelijk voor de Amerikaanse geschiedenis. Dat had geen zin, dat ik wit was, was genoeg. Maar zoals ik al zei: het was ongelooflijk wat de serie losmaakte. En het heeft Afro-Amerikanen gestimuleerd hun wortels te zoeken. Ik gaf in die tijd ook les en dankzij Roots, kwamen er veel meer Afro-Amerikaanse studenten in mijn klassen.’

Roots, zondag, RTL 4, 20:00 uur

[/blendlebutton]

Lees ook