Bioscooppremière: Jurassic World: Fallen Kingdom

· Door

Google+ Facebook Twitter WhatsApp

Het vergezochte script levert in sommige scènes een draak van een film op, maar allemachtig, Spielbergs dino's zijn nog steeds afgrijselijk effectieve klerebeesten.

135.000.000 jaar lang heersten de dinosauriërs over de aarde. De Homo sapien loopt pas een slordige 200.000 jaar rond en dat getalsmatige verschil had ons misschien moeten waarschuwen. Onze beslissing om de uitgestorven beesten te klonen en terug op aarde te brengen, in een pretpark nota bene, bleek in de afgelopen vier films van de Jurassic Park-franchise een verbluffend slecht idee. De ontmoetingen tussen dinosauriërs en Homo sapiens verliepen veelal volgens een eenvoudig hap-slik-weg-scenario, dat ook in het heden getalsmatig duidelijk in het voordeel van de dino's uitviel. De huidige heersers als het snackje van de voormalige.

Maar in Jurassic World: Fallen Kingdom is het kwartje dan eindelijk gevallen. Een overheidscommissie besluit om de gekloonde dino's, die na de vorige films achterbleven op Isla Nublar, op natuurlijke wijze te laten uitsterven. Op dat eiland - en het zustereiland Isla Sorna, beide in de buurt van Costa Rica - speelde zich alle eerdere ellende af. De aanstaande vulkaanuitbarsting op Isla Nublar zal alle overgebleven dino's net zo'n vurige en zekere dood bezorgen als de meteorietinslag van 65 miljoen jaar geleden. Het is een beetje lullig voor de sauriërs, maar ook hoog tijd: opgeruimd staat netjes.

Helaas zijn Owen (Chris Pratt) en zijn geliefde Claire (Bryce Dallas Howard), die we kennen uit de vorige film, veel te sentimenteel om deze gang van zaken te accepteren. Owen omdat hij zijn hoogstpersoonlijk getrainde, hyperintelligente, empathische, hondstrouwe, tamme en derhalve behoorlijk onwaarschijnlijke dino Blue zo lief vindt en Claire omdat ze van Owen houdt. En van al die lieve, wolkenkrabber-hoge vegetarische dino's, want de brontosaurussen en andere grazers krijgen ook in deze film weer even wat screentime om majesteitelijke vredigheid uit te stralen. Om al snel te worden vervangen door de main attraction: de T-Rex en andere vleesmolens die vooral uit tanden en klauwen bestaan. Owen en Claire worden door Benjamin Lockwood (één van de oorspronkelijke stichters van het Jurassic Park in de eerste film uit 1993, gespeeld door James Cromwell) ingehuurd om een illegale reddingsoperatie te begeleiden, nèt op het moment dat de vulkaan op zeer fotogenieke wijze de lucht ingaat. Dit pyrotechnische inferno levert memorabele 'outrun the fireball'-scènes op, waarin Owen en de zijnen precies hard genoeg blijken te kunnen rennen om een exploderende berg te ontwijken.

Al snel blijken corrupte bad guys in de groep rond Lockwood hele andere redenen te hebben om de dino's te redden. De van het eiland geplukte exemplaren worden op het vasteland ondergebracht op het weelderige landgoed van Lockwood, een prachtig vormgegeven amalgaam van alle kastelen en landhuizen die Engeland te bieden heeft, maar dan ergens op het vasteland van Zuid-Amerika. Daar komen vertegenwoordigers van foute regimes en de georganiseerde misdaad bijeen om tijdens een veiling te bieden op de dino's, zoals de nieuwe Indoraptor, een in elkaar geknutseld genetisch misbaksel dat door oude bekende Henry Wu (B.D. Wong) is ontworpen en die je met een laserstraal op een vijand naar keuze kan laten afstormen. De notie dat bijvoorbeeld de Russische maffia graag een paar dino's zou kopen om op rivalen af te sturen is, mede gezien de puinhoop in de vorige vier films, zo spectaculair onzinnig dat het hele veiling-segment in de film een langdradige en onnodige oefening in flauwekul is.

Maar dan, in een breed uitgemeten finale die de hele film redt, bevrijden Owen en Claire zichzelf en een paar dino's en begint een nagelbijtend spannende reeks achtervolgingen door het bizar grote landhuis van Lockwood, waarbij vooral de jacht die Indoraptor op het 10-jarige nichtje van Lockwood maakt, tot één van de grootste hoogtepunten in de hele franchise behoort. Wat dat arme schaap allemaal te verduren krijgt, onder meer in haar eigen met teddybeertjes gevulde kinderslaapkamer nota bene, grenst aan kindermishandeling. Ze blijft maar gillend rondrennen en dat ze niet al in minuut één van de aanval in zware shock raakt, is een medisch wonder. Hoe dit meisje - samen met Owen, Claire en Blue - de spectaculaire finale bijna tot een goed einde brengt en daarbij gedenkwaardig grote schade toebrengt aan het landhuis, is zeer bevredigend om te zien.

Let wel: bijna tot een goed einde, want kort voor de aftiteling neemt iemand weer eens een onzinnige beslissing van het kaliber waar de franchise patent op lijkt te hebben en loopt alles alsnog uit de klauwen. We moeten rekening houden, aldus de immer fijne Jeff Goldblum die weer in zijn rol van Dr. Ian Malcolm kruipt, met een planeet aarde waarop dino's en Homo sapiens samen moeten leren leven. Nu ze op het vasteland van Zuid-Amerika rondlopen, moeten we ook rekening houden met nog meer sequels.

Je cookie-instellingen zorgen ervoor dat je dit deel van de website niet kunt zien.

Wijzig hier je cookie-instellingen

En dat is prima. De beesten die Steven Spielberg vijfentwintig jaar geleden in de bioscoop losliet, zijn namelijk nog lang niet over hun houdbaarheidsdatum heen. Een stampende en krijsende T-Rex die aantoonbaar slechte mensen in tweeën bijt, blijft fijn om te aanschouwen. Het is te hopen dat Fallen Kingdom-regisseur J.A. Bayona (The Impossible, The Orphanage) ook voor de volgende film wordt ingehuurd, want hij bewijst met deze sequel dat hij precies begrijpt hoe je de snelheid, luidruchtigheid en klappende kaken van de dino's moet inzetten om de kijker de stuipen op het lijf te jagen.

Jurassic World: Fallen Kingdom draait nu in de bioscoop.

Lees ook