Interview: Bas Haring (Klonen: wens of waanzin?)

· Door

Google+ Facebook Twitter WhatsApp

BNN kloont een hond?! Bas Haring, die meewerkte aan het BNN-kloonprogramma, legt uit.

BNN kloont een hond?! Bas Haring, die meewerkte aan het BNN-kloonprogramma, legt uit.
 

Veel mensen vinden het iets engs, klonen. Op welke manier heb jij het onderwerp benaderd?
Ik heb geprobeerd om er op een zakelijke, rationele manier naar te kijken. Bij Sophie merkte ik inderdaad dat ze het wat meer veroordeelde. Die zei: ‘Ik voel me er niet lekker bij, dit moeten we niet willen.’ Dat heb ik toch anders, ik was dus een soort tegenspeler van Sophie op dat gebied.

Als je het met een zakelijke blik bekijkt, wat zijn dan de voordelen van klonen?
Klonen gaat om het behouden van fysieke eigenschappen. Stel, je hebt een dier met kwaliteiten die je wilt behouden. Denk bijvoorbeeld aan een hond die heel goed kan ruiken. Die kan worden ingezet om drugs of explosieven op te sporen. Wanneer je gaat fokken, is er altijd een risico dat die kwaliteit minder wordt. Met klonen weet je zeker dat de nieuwe hond even goed kan ruiken. Aan de andere kant is het in feite stilstand: met fokken is er ook een kans dat het beter wordt, bij klonen behoud je wat je hebt.

[blendlebutton]

Je hebt het over fysieke eigenschappen. In hoeverre is een karakter te klonen?
Een karakter is niet mee te klonen, dat wordt bepaald door de opvoeding en de omgeving waarin een dier opgroeit. Er zijn wel fysieke eigenschappen die mensen met karakter associëren. Als een hond bijvoorbeeld op een bepaalde manier kwispelt of tegen je opspringt, dan denkt men dat dat een karaktertrek is. Maar eigenlijk is dat dus iets fysieks.

Kan je begrip opbrengen voor mensen die hun hond klonen?
Ik zou het zelf nooit doen, maar ik vind het op zich niet verkeerd. Wij leven nu eenmaal veel langer dan een huisdier, dus ik kan me op zich voorstellen dat iemand inderdaad een hond wil die op dezelfde manier kwispelt en hetzelfde vlekkenpatroon op z’n rug heeft.
Jij bent in Korea bij een bedrijf geweest dat huisdieren kloont. Hoe was dat?
Ik was in eerste instantie verrast toen ik zag hoe klein het bedrijf was. Het zit daar gewoon ergens in een kantoorpand in een woonwijk. Het zag er allemaal niet eens zo ingewikkeld uit. Het idee is dat je een levende cel inbrengt in een draagmoeder. Dus als je een kloon van je hond wilt, hoef je alleen een stukje weefsel weg te snijden en dat naar Korea op te sturen. Als de hond geboren is, blijft hij nog een halfjaar in Korea. Daar worden die beestjes overigens vrij netjes behandeld. Als je Frans bent, kan je zelfs vragen of ze in dat halfjaar Frans tegen de hond praten. Op technisch gebied worden ze ook steeds geavanceerder: ze hebben nog maar een heel klein stukje weefsel nodig om een kloon te maken.

Vinden er nog andere innovaties plaats?
Omdat er steeds minder materiaal nodig is om te klonen, wordt er nu naar de mogelijkheid gekeken om mammoeten terug te brengen. Die zijn nog niet zo lang uitgestorven, pas een jaar of vijfduizend, en de verwachting is dat er ergens – bij ingevroren exemplaren – nog goede cellen te vinden zijn. Als ze die vinden, zou het zomaar kunnen dat de mammoet terugkomt.

Zorgt die betere techniek er ook voor dat we straks mensen kunnen klonen?
Het zou in theorie wel kunnen, al hebben we ons bij het programma alleen met het klonen van dieren beziggehouden. Ik zou eerlijk gezegd ook niet weten wat je eraan hebt om een mens te klonen. Als je bijvoorbeeld een nieuwe versie van je partner wilt, dan krijg je een partner van nul jaar. Daar kan ik me niets bij voorstellen. Een argument dat je soms hoort, is dat we mensen moeten klonen om aan donororganen te komen, maar daar zijn inmiddels ook efficiëntere technieken voor. En er kleven ook veel nadelen aan het klonen van mensen. Om de techniek te verfijnen, moet je heel veel proberen. Daar heb je allemaal vrijwilligers voor nodig, en bij heel veel baby’s zal het in eerste instantie mislukken. Dus ik denk niet dat dat zo snel gaat gebeuren. Maar aan de andere kant probeer ik hier ook een rationale kijk te hebben en het niet gelijk te verwerpen. Als je erover nadenkt is seks namelijk ook een vreemd proces. Waarom zou dat wél de methode moeten zijn om mensen geboren te laten worden en het inbrengen van een cel niet? Dingen als IVF en reageerbuisbaby’s vonden we in het begin ook allemaal schokkend, maar die zijn nu gemeengoed geworden.

Hoe verloopt de discussie in Nederland?
Ik heb onder andere met de Partij voor de Dieren en met aartsbisschop Eijk gepraat. Hun standpunten hebben me verbaasd. De PvdD gaf aan dat ze er uitgesproken tegen zijn. Niet op basis van dierenleed, wat ik verwacht had, maar omdat het een onnatuurlijk proces is. Zelfs als klonen helemaal niet met leed gepaard zou gaan, dan verwerpt de PvdD het nog. Aartsbisschop Eijk stond er anders in. ‘Het enige dat er uiteindelijk toe doet, is de kwaliteit van leven,’ zei hij. Dus als de beesten niet lijden, en het kan profijt opleveren, dan vindt de katholieke kerk het een prima techniek.

Wat is het uiteindelijke doel van Klonen: wens of waanzin? De acceptatie van klonen?
Wat ik het belangrijkst vind, is dat er rationeel over nagedacht wordt. Als dit programma daaraan bijdraagt, vind ik het geslaagd. Ik wil dat mensen hun onderbuikgevoel serieus nemen, maar daarna hun verstand gebruiken. Als ze het klonen daarna nog harder veroordelen, prima.

Klonen: Wens of waanzin, vrijdag 28 okotober, NPO2, 21:10 uur

[/blendlebutton]

Lees ook