Erben Wennemars

Interview: Erben Wennemars (Het boerenleven)

· Door

Google+ Facebook Twitter WhatsApp

Erben Wennemars (Dalfsen, 1975) veranderde van een stotterende oud-schaatser in een welbespraakte tv-persoonlijkheid.

Erben Wennemars (Dalfsen, 1975) veranderde van een stotterende oud-schaatser in een welbespraakte tv-persoonlijkheid. Nu presenteert hij Het boerenleven. ‘Mijn opvoeding heeft mij veel gegeven.’

Je gaat Het boerenleven presenteren voor Omroep MAX, een serie over agrarische bedrijven in transitie. Vind je het vervelend, dat juist jij wordt gevraagd voor een tv-programma over boeren? Helemaal niet. Waarom zou ik dat vervelend moeten vinden?

Je zou kunnen denken: mijn vader had misschien een boerenbedrijf, maar ik niet, ik ben tweevoudig wereldkampioen sprint op de schaats. Ik voel me in elk geval niet in een hokje geduwd. Ze vragen mij omdat ik een boerenachtergrond heb en kan levelen met boerengezinnen. Dat is positief. Dit past bij mij. Had het onderwerp me niet gelegen, dan was ik er zeker niet op ingegaan, want ik doe alleen sport, gezondheid en vitaliteit.

Wat voor bedrijf had je vader eigenlijk? Hij hield koeien. Mijn broer heeft de boerderij inmiddels overgenomen.

Heb je ooit overwogen om de zaak in te gaan? Wij zijn opgegroeid in de wetenschap dat de oudste het bedrijf zou overnemen. Ik was de tweede zoon in een gezin van vijf kinderen. De rest kreeg kansen om zichzelf op een andere manier te ontplooien. Maar als mijn broer geen boer was geworden, had ik het gedaan.

Dat leek je wel wat? Ik zie het nog steeds als onze boerderij. Ik woon nu 500 meter van de plek waar ik ben geboren, in Dalfsen. Mijn broer is er de baas, maar ook ik ben er trots op. Ik vind het nog steeds interessant om met hem te praten over de bedrijfsvoering.

Sinds je in 2010 je schaatscarrière beëindigde, heb je je ontwikkeld van een stotterende sporter tot een bekende Nederlander die te boeken is als spreker of dagvoorzitter en die tafelheer is in De Wereld Draait Door. Hoe heb je dat bereikt? Mijn kracht ligt in het feit dat ik mezelf ben. Ik ben een boerenzoon en ik stotter, ik zie daar niets raars in. Misschien bestaat er in deze tijd een behoefte aan mensen die een eigen verhaal vertellen en zich niet anders voordoen dan ze zijn. Velen zeggen dat ze iets zijn, maar dat zijn ze niet. Veel mensen hebben te weinig binding met waar ze vandaan komen. Om te aarden, moeten ze terug. Dat geeft houvast. Mijn opvoeding heeft mij veel gegeven. Ik vind het heel belangrijk om inzicht te verschaffen in het reilen en zeilen op een boerderij. Boeren communiceren van nature niet altijd goed, en daarom bestaan er veel vooroordelen over hen. Dit programma kan bijdragen aan een bijstelling van die vooroordelen. Ik heb mij nooit geprofileerd als boerenzoon, maar toch komt omroep MAX bij mij uit, en dat is niet gek. Ik kom uit het oosten en heb affiniteit met het boerenleven. Als ik hetzelfde zou doen als alle andere presentatoren in Hilversum, was dat niet gebeurd. Ik doe gewoon dingen die ik leuk vind. Ik zal nooit programma’s maken die ver van mij af staan, zoals Spuiten en slikken, om maar iets te noemen. Er wordt mij veel aangeboden, maar ik maak bewuste keuzes.
Noem eens een vooroordeel dat wordt aangekaart in Het boerenleven. We portretteren een akkerbouwer, wiens vrouw vertelt dat ze weleens te horen krijgt: wat mooi toch, je man is altijd thuis. Haar reactie: altijd thuis? Hij is er wel, maar hij is nooit echt aanwezig, want hij is altijd aan het werk. Dat herken ik van vroeger. Het werk op de boerderij gaat altijd door. Mijn vader had ook nooit tijd. Als hij eventjes bij me was, vond ik het geweldig.

Ben je iets tegengekomen dat je heeft verrast? Boeren zouden vaker moeten zeggen: híer staan wij voor, dit is goed voor jullie. Mensen uit de grote stad roepen maar van alles, en boeren stellen zich dienend op. Nu moet bijvoorbeeld alles biologisch. Ik vind dat een boer zich alleen aan moet passen als hij er zelf in gelooft. Omdat hij het beter vindt, en niet alleen omdat er vraag naar is.

In het jaar dat je stopte, ben je van alles gaan doen: als radioverslaggever mee naar de Olympische Spelen in Vancouver, hoofdgast in 24 uur met…, presentator bij BNN, de Madiwodovrijdagshow met Paul de Leeuw… Was het een ontdekkingstocht naar de persoon die je in de media wilde en kon zijn? Ja. Zeker. Ik heb geleerd dat ik dingen moet doen die dicht bij mij staan. Van sport, gezondheid en inspiratie weet ik veel af. En ook van het boerenbestaan. Maar ik ben geen mannetje dat overal zijn mening ventileert over iets waar hij geen verstand van heeft. De Madiwodovrijdagshow had ik overigens niet moeten doen. Ik ben blij dat ik het gedaan heb, en ik was vereerd, maar het bleek gewoon te veel, zo’n dagelijkse show presenteren met Paul de Leeuw en reportages maken.

Stapte je in de wereld van de media met het idee dat je van alles moest leren? Ik wilde vooral dicht bij mezelf blijven. Ik realiseer me dat ik tekortkomingen heb, maar het feit dat ik authentiek ben, weegt daartegen op.

Heb je cursussen genomen? Nee. ­Misschien had ik dat moeten doen.

Het boerenleven, donderdag 15 december NPO 1, 21:25 uur