Helleveeg

André van Duren over de romanverfilming

· Door

Google+ Facebook Twitter WhatsApp

Regisseur én scenarioschrijver André van Duren legt aan de hand van De helleveeg in acht aktes uit wat de kunst is van de romanverfilming.

Boek vs film
André van Duren: ‘Om een film te maken kun je putten uit werkelijkheid, uit je fantasie of je kunt een boek of toneelstuk als basis nemen. Ik heb het in mijn carrière alle drie gedaan. Welke bron je kiest is eigenlijk alleen van invloed op de scenariofase. In de verfilming maakt het niets uit, je moet toch een nieuwe structuur maken. Een boekverfilming – ‘literatuurverfilming’ corrigeert producent Matthijs van Heijningen me altijd – ‘getrouw’ noemen is onzin. Als je drie verschillende regisseurs hetzelfde boek zou laten bewerken, krijg je drie verschillende films. Omdat iedereen anders leest en er andere dingen uithaalt. Sommige van mijn collega’s zeggen: je moet het boek een keer lezen, dan wegleggen en dan alleen de personages en de plot gebruiken. Van die school ben ik niet. Wat ik weet is dat wanneer een boek 10.000 details heeft, je er in een film ruimte hebt voor tachtig. Je moet keuzes maken, weglaten, maar vooral: de kern vinden.’

A.F. Th van der Heijden vs A. van Duren
‘Na Tonio had Van der Heijden een tijd niet geschreven. De helleveeg schreef hij in 2013, in vijf weken. Ik kocht het boek, begon ’s ochtends te lezen en had het ’s avonds uit: de drive en de tempo waarmee het geschreven is, spatten van de pagina’s. Het boek fascineerde me, door de hoofdpersonage Tiny, de helleveeg uit de titel en door Eindhoven, waar het verhaal zich afspeelt – ik kom zelf uit Brabant. De volgende dag belde ik Matthijs van Heijningen met wie ik eerder Kees de jongen en De bende van Oss maakte. Hij las het ook, we waren het direct eens over de filmische potentie. De dag erna hebben we de rechten gekocht.

Het bewerken viel niet mee. Waar Adri (A.F. Th van der Heijden, red.) het in vijf weken schreef, deed ik er vijf maanden over om er een scenario van te maken. Het boek zit zo vol, het taalgebruik is uniek. In het boek zitten verhaallijnen waar Tiny niet in zit, zo gaan haar ouders op vakantie en is er een hele lijn over Koos, haar echtgenoot. In de film heb ik die weggelaten: het draait om Tiny.

Het boek heeft sterk autobiografische elementen, het gaat over Van der Heijdens eigen tante, voor wie hij liefde maar nog meer haat voelde. Zijn boek is een ode, maar ook een afrekening en zijn Tiny is vele malen onaangenamer en feller dan mijn Tiny. Mijn helleveeg kun je eerder als een ode zien. Ik vind lastige vrouwen interessant. Ik woon samen met een lastige vrouw en heb twee lastige dochters. Ik kijk daar tegen op. Ik ben verliefder op de helleveeg dan Adri is.’

Lees ook

Abba DE LAGARDE+

Abba: van goed naar slecht en weer terug

Shoplifters

Waarom Shoplifters een meesterwerk is

Bioscooppremière: Anna and the Apocalypse

Bad Banks DE LAGARDE+

Interview: Barry Atsma over de Duitse serie Bad Banks

Interview: Nico Dijkshoorn over zijn DWDD-gedichten