Eurovision

Column: Doudouce points go to...

· Door

Facebook Twitter WhatsApp

Wat hebben jullie gedaan het afgelopen weekend? Ik heb de Eurovisie-finale gekeken. In drie verschillende varianten.

Foto credit: Netflix

Ik had het maar druk met Eurovisie dit Pinksterweekend. Eerst keek ik op zaterdag bij vrienden de finale, om de volgende ochtend met mijn achtjarige zoon de uitslag nogmaals terug te kijken (opblijven tot en met de puntentelling werd toch echt net wat te laat). Vervolgens schakelde ik over naar de opname van de BBC voor het snedige commentaar van Graham Norton (‘Door slim gebruik van ultramoderne technologieën – uit de jaren 70 – danst Griekenland met wasgoed’).

Toch was Norton voor zijn doen dit jaar redelijk mild. Sander Lantinga kwam, zijn Lee Towers/Litouwers in Ahoy opmerking daargelaten, scherper uit de hoek. (Als Jan nu volgend jaar met de ‘Epic Sax Guy’ voor Eurovisie een duetje doet, dan houden we Sander er als vaste commentator gewoon in). Norton droeg vooral de overheersende emotie van dit festival uit: hij was gewoon blij er weer te zijn. Althans, voordat de puntentelling voor het Verenigd Koninkrijk begon.

Het voelde wel weer als een feestje, waar saamhorigheid overheerst. Waar je even kan vergeten dat het buiten, in de boze wereld, nog steeds erg rommelt en niet ieder Europees land er even democratische ideeën op nahoudt. Wit-Rusland was, veelzeggend genoeg, vooraf al gediskwalificeerd omdat beide liedjes die ze aandroegen te duidelijk anti anti-overheid waren. Wanneer Rusland met een sterkere en meer vooruitstrevende inzending komt dan jij, doe je als land toch iets verkeerd.

Eurovisie is het enige evenement in het jaar waar nummers die ook daadwerkelijk iets te melden hebben worden afgewisseld met kakelbonte pop- en disconummers. Waar veel verschillende talen en culturen voorbijkomen, maar ook de uitroep ‘Hallo Europa!’ met gejuich wordt ontvangen. Het is ook de enige ‘Euro’ waar het Verenigd Koninkrijk zichzelf nog wel mee wil associëren. Is het naïef escapisme? Allicht. Maar wellicht doet zien ook volgen.

Maar mijn Eurovisie-marathon bleek nog niet voorbij, toen ik ontdekte dat op NPO Extra voor doven en slechthorenden de hele finale ook met gebarentolken en – nog interessanter – gebarendansers (‘sign dancers’) te zien was. Ik weet het, ik schiet soms een beetje door. Zoals die periode dat ik Studio Ghibli-animatiefilms in één adem zowel in het Japans als in het Engels keek, of die keer dat ik me afvroeg: ‘Goh, hoe zou het Pippi Langkous-lied in andere talen gaan?’ Je moet toch wat in tijden van corona.

Ik had geen moment spijt. De sign dancers gaven weer een compleet nieuwe laag aan de ervaring (in tegenstelling tot de meeste kijkers weten zij ook daadwerkelijk waar alle liedjes over gaan). De een ging wat meer mee in de muziek dan de ander, maar vele zorgden ook echt voor extra toevoeging. Zoals de stoere optredens van Mirjam Stolk - die zelfs de Duitse inzending iets beter te verteren maakte - of Jessica de Waard die, in tegenstelling tot de Finse zangers zelf, wél in beeld haar middelvinger op mocht steken. Handen omhoog: wie heeft, na zijn optreden voor België, de naam Robin Frings gegoogeld? De hoofdprijs voor meest bevlogen vertolking ging naar Fauve Doudouce die zowel de snelle tekst als de spirit van Ten Years van IJsland perfect wist te vangen.

Het was een mooie afronding voor een festival waar een gevallen engel ervandoor kan gaan met Mata Hari en een Italiaans liedje wint met de boodschap: ‘Hou je mond en gedraag je.’

Onze nieuwsbrief ontvangen? Iedere vrijdag de nieuwste series en films in je inbox! Meld je hier aan.

Lees ook